IMG_1637

“Zet een docent filosofie voor een techniekklas.”

Dat was één van de antwoorden op de vraag: hoe kunnen we er voor zorgen dat kinderen echt nóóit meer in aanraking komen met techniek? Naast antwoorden als “we halen gewoon alles wat met techniek te maken heeft uit de maatschappij” of “we verbieden kinderen om zich te interesseren voor techniek”!

In maart 2019 vond de eerste EduHackathon in Nijmegen plaats. In iets meer dan 24 uur tijd werden 9 challenges voor het onderwijs behandeld. Met als doel voor elke challenge een innovatie oplossing te bedenken. “Hoe kunnen we de connectie tussen leerlingen en techniek maken?” was de challenge waar het team, waar ik procesbegeleider van mocht zijn, zich mee bezig hield.

Tekort aan technisch geschoold personeel

Bedrijven spreken al enkele jaren van een enorm tekort aan technisch geschoold personeel. Er komen te weinig jongeren van de technische opleidingen, en die opleidingen sluiten bovendien niet altijd goed aan, zo valt er te horen. De traditionele vijvers waar de bedrijven uit putten, beginnen steeds leger te raken. En dat terwijl er veel werk te doen is.

Zichtbaar en vanzelfsprekend

Jongeren die wél voor een technische opleiding kiezen, zijn doorgaans opgegroeid in kleine steden en dorpen. Heeft dat dan te maken met hun opleidingskeus, vroegen wij ons af. Al snel ontdekten we dat jongeren die al op jonge leeftijd in aanraking komen met techniek, voor wie het een vanzelfsprekend en zichtbaar onderdeel van hun dagelijks leven is, vaker geneigd zijn interesse te tonen voor techniek. En zo komt het dat het merendeel van de leerlingen op technische opleidingen uit dorpen komt, waar bijvoorbeeld ruimte is om te sleutelen aan je brommer of om mee te werken in het (boeren)bedrijf aan huis.

Elk nadeel heeft zijn voordeel

Maak techniek zichtbaar en vanzelfsprekend, werd al snel ons credo. Ook voor jongeren die in de stad wonen. Maar hoe doe je dat? Niet door ervoor te zorgen dat geen enkel kind nooit of te nimmer in aanraking zal willen komen met techniek. Dat spreekt voor zich. Echter, elk nadeel heeft zijn voordeel. En dat gold ook voor onze bedenksels. Immers, een filosofiedocent – of elke andere docent met een ander vakgebied dan techniek – heeft als voordeel dat deze zich anders zal verhouden tot de lesstof, andere leermethoden bedenkt, samen met de leerlingen leert en zeer waarschijnlijk een link legt tussen het eigen vakgebied en techniek. Of het voordeel van een – bijna niet voor te stellen – maatschappij zonder techniek zou kunnen zijn dat alle mogelijkheden weer openliggen, dat er ruimte is voor nieuwe uitvindingen en nieuwe ontwikkelingen die niet gehinderd worden door wat er al is. En het voordeel van interesse voor techniek verbieden? Tja, wat niet mag is natuurlijk extra aantrekkelijk en spannend om tóch uit te proberen. Zeker voor kinderen. Soort van ‘verboden vrucht’ effect.

Stroom aan inspiratie

Hieruit ontstond een stroom aan inspirerende ideeën. Over hoe we techniek weer zichtbaar en vanzelfsprekend kunnen maken voor kinderen, ook als zij niet in een dorp wonen. Over hoe we scholen, bedrijven en andere organisaties elkaar kunnen laten versterken. Hoe we verschillende expertises kunnen verbinden om techniek in een bredere context dan ‘sleutelen aan je brommer’ te plaatsen. Hoe we docenten en mensen uit de praktijk deelgenoot kunnen maken in die nieuwe context. Hoe we techniek spannend en aantrekkelijk kunnen maken. En hoe we organisaties die zich zichtbaar inzetten voor zichtbare techniek een inspirerende voorbeeldfunctie kunnen geven.